‘Ik was terughoudend naar Carice, ik hou er ook niet van als collega’s verliefd worden’
Sebastian Koch
In: esta nr. 13 – juni 2009

Sebastian Koch is de hij van Carice van Houten. Speelde glansrollen in Das Leben der Anderen en Zwartboek. En vanaf deze week is hij te zien als de keiharde Baron Von Instetten in de film Effi Briest. Esta treft de Duitse acteur net op een moment dat hij stop heeft gezegd, stop tegen alles.
           

Kader | Over Sebastian Koch (47)
In Nederland leerden we hem drie jaar geleden kennen door Paul Verhoevens Zwartboek, waarin hij de Nazi speelde die een goede Duitser bleek te zijn. Of misschien meer nog doordat hij de ´hij van´ Carice van Houten werd, en na vier jaar nog steeds is, hoe onwaarschijnlijk dat ook mag lijken met alle verschillen en obstakels die er zijn. Liefhebbers kenden Sebastian Koch al als de schrijver in Stasi-Duitsland in de film Das Leben der Anderen, die een Oscar kreeg voor de beste buitenlandse film.
Sebastian Koch groeide op in Stuttgart, daar ging hij naar de toneelschool en begon zijn carrière in het theater. Inmiddels is hij een veelgevraagd acteur die steeds beter moet oppassen waar hij ´ja´ tegen zegt. Hij had de afgelopen drie jaar opnames voor de films Effi Briest en The Interrogation of Harry Wind, en voor de tv-serie Sea Wolf. En wat daarna? Overal is te lezen dat hij met Carice en Rutger Hauer gaat spelen in de film Smoke and Ochre. Maar of dat doorgaat? Sebastian Koch: ‘Ik heb ook gelezen dat ik daarin mee zou spelen.’En, klopt ’t? Koch: ‘Daar kan ik nu nog niets over zeggen.’ To be continued dus…
Sebastian Koch woont in Berlijn, om de hoek van zijn 13-jarige dochter Paulina. Hij heeft een lat-relatie met de actrice Carice van Houten.

Kader | Over Effi Briest
Vanaf 27 juni is Sebastian Koch te zien in Effi Briest, een meeslepende kostuumfilm naar het boek van Theodor Fontane. Het is een Duitse Madame Bovary, zeg maar. Het jonge meisje Effi moet de 20 jaar oudere bewonderaar van haar moeder trouwen, Geert von Instetten (Sebastian Koch). Effi kwijnt weg, totdat ze een stormachtige affaire begint met majoor Crampas, een vriend van haar man. Als de hardvochtige Von Instetten erachter komt, daagt hij Crampas uit tot een duel, met alle gevolgen van dien. Waar Fontane’s Effi berooid terugkeerde bij haar ouders, heeft de film-Effi een vrijgevochtener toekomst. De Duitse bioscoopbezoekers zijn om, zij vonden de film Effi Briest: ‘hartverscheurend, huiveringwekkend en ontroerend.’

 

Sebastian Koch komt aan op fiets van Carice van Houten, een überblitse Fietsfabriek-fiets. We treffen elkaar in Amsterdam. Locatie: een terras aan de Amstel. Voertaal: Duits. Het was laat gister voor Koch, laat en met veel drank. En vanochtend alweer vroeg richting vliegveld voor de trip Berlin-Amsterdam. Dus nu moet er eten komen. ‘’Ausschmeisser’, was ist das?’ Dat wil-ie wel. ‘Leuk’, zegt Koch in het Nederlands als de gevraagde servetten worden gebracht. Charmant klinkt het, vrolijk ook.
‘Ik ben niet zo’n positive thinking man die elke dag opstaat met het idee: ‘Heute, Du, was ein Tag! Regent het? Scheiss drauf!’ Ik heb ’s ochtends twee uur nodig om wakker te worden. En als ik verdrietig ben, ben ik verdrietig. Als ik gecompliceerd ben, ben ik gecompliceerd en als ik vrolijk ben, ben ik vrolijk. Ik probeer mezelf niet in een andere mood te brengen. Alleen als ik de rode loper opmoet. Dan ga ik geen chagrijnige kop trekken, ook al heb ik een pesthumeur. Maar verder probeer ik de dingen te nemen zoals ze zijn.’
In Duitsland begon zijn succes al zo’n twintig jaar geleden. Eerst in het theater, de tijd waaruit zijn mooiste fanherinnering komt. ‘Ik woonde destijds in een gebouw met een binnentuin, zoals je er zoveel hebt in Berlijn. Na een voorstelling kwam ik thuis; het hele pad in de binnentuin was bestrooid met rozenblaadjes, rozerood. Heel indrukwekkend, net een sprookje.’

Wist je wie het had gedaan?
‘Neeee, dat moet je helemaal niet willen weten. Dan gaat de betovering weg.’

Niet beangstigend dat een vreemde weet waar je woont?
‘Neuh, het was gewoon mooi. Ik heb twee keer met stalkers te maken gehad, dat is heel onaangenaam, dat mensen steeds blijven komen en geen gevoel hebben voor signalen die afstand aangeven. Maar dat gebeurt zelden. Ik word wel veel herkend in Duitsland, maar in Berlijn doet iedereen normaal. Ze slaan me niet brallend op de schouder.’
Het was niet vanzelfsprekend dat Koch acteur zou worden. Het zit niet in de familie, hij speelde niet bij het kindertheater. Naar voorstellingen gaan deed hij wel, als puber. Het fascineerde hem, een kunstwereld in een echte wereld, een eigen universum. Maar acteur worden, neuh. Muzikant wilde hij worden, en intussen was hij fanatiek aan het sporten.
‘Van mijn dertiende tot mijn vijftiende deed ik aan hoogspringen. Ruggelings over een hoge stok gaan, heel esthetisch, erg mooi, mijn rug is er nog steeds door aan gort, dat wel. Maar fantastisch was het. Ik heb twee jaar als een gek getraind en heb toen helaas verloren. Een echte carrière zat er niet in. Ik begon met muziek. Rond mijn zeventiende zette ik gedichten van Erich Kästner op muziek en zong. Daarmee reisde ik rond, samen met een vriend.’

Was je een ernstige puber?
‘Nee hoor, ik feestte ook. Dat bijt elkaar niet, sterker nog: muziek maken was voor mij altijd aan feesten verbonden. Mijn droom was het om met een vriend optredens te doen, daar waren we ook flink mee bezig, we hadden een goed programma. Maar toen kwam de toneelacademie ertussen.

Waarom acteur?
‘Ik ben in Zuid-Duitsland opgegroeid, daar praten ze als een brij, alle woorden gaan in elkaar over. Heel lelijk. Tijdens optredens legde ik uit waar de liedteksten over gingen. Ik vond het verschrikkelijk gênant om dat in dialect te doen.
Daarom deed ik toelating voor de toneelacademie; ik wilde van dat dialect af. En ik dacht: daar leer je ook bewegen, dat kan nooit kwaad. Ik had nooit verwacht dat ik zou worden aangenomen, dat lukte maar een op de duizend man ofzo. Maar toen zat ik op die opleiding en het klopte. Ja, het klopte helemaal.
Kijk, alle acteurs zijn gek, geloof ik. Het is een merkwaardig beroep: je gaat op het podium staan voor achthonderd man publiek en je begint te leven. Dat is pervers. Maar je kunt ook een kind zijn, echt spelen. Het is mooi en ziek tegelijk. Om in het theater op zo’n podium te gaan staan, moet je een beetje ‘ga-ga’ (leuk Duits voor ‘geschift’, SvG) zijn. Iedereen kijkt, terwijl er van die echte privémomenten zijn, als je een goede acteur bent tenminste.’

Omdat de toeschouwer ook een stuk van de echte Sebastian Koch ziet.
‘Ja, dat wíl ik ook laten zien, dát is wat een beetje geschift is. Ik denk dat acteurs meestal mensen zijn met een moeilijke achtergrond, een ongewone geschiedenis.’

Jij dus ook.
‘Daar moeten we het maar niet over hebben. Iedereen heeft wel wat, min of meer. Mijn ouders zijn gescheiden, ik ben zonder vader opgegroeid. Dat doet iets met je, dat kan niet anders. Maar ik wil daar geen waardeoordeel aan hechten. Het is niet goed of slecht, het is als dag en nacht, alles is verbonden.’

Als je zelf geen vader hebt gehad, en wel vader bent, hoe is dat?
´Je kunt dezelfde ellende doorgeven, of je kunt het veranderen. En ik heb besloten het te veranderen. De geschiedenis herhaalt zich altijd, alles herhaalt zich totdat iemand begrijpt: en nu doe ik het anders. We zijn weliswaar uit elkaar gegaan, maar mijn dochter van dertien heeft een vader terwijl ik geen vader had. Dan is de geschiedenis doorbroken. Mijn vader had ook geen vader, het komt altijd ergens vandaan. Ik ben niet verdwenen, ben in een huis om de hoek van mijn ex-vrouw gaan wonen. En ik heb goed en veel contact met mijn dochter. Het gaat om het bewustzijn dat je een andere weg kunt gaan. Ik geloof dat we daarom op de wereld zijn, om het beter te doen.’

Zware, moeilijke rollen, die speelt hij het liefst. Met een intensieve voorbereiding. ´Als ik een rol heb aangenomen, begin het in mijn hoofd meteen; nadenken, inlezen. Ik kan het niet uitzetten, mijn hele systeem is daarop gefocused.´ De afgelopen jaren waren een aaneenschakeling van opnames, steeds maar weer door. Een van de films was het kostuumdrama Effi Briest, die binnenkort in Nederland in première gaat. Koch speelt daarin Geert von Instetten, een op het oog gevoelsarme man die zich volgens principes en regels door het leven slaat, met weinig begrip voor zijn 20 jaar jongere vrouw Effi.

Hoe was het om zo’n harde man te spelen?
‘Von Instetten was niet zo ingewikkeld. In het boek is hij helaas nogal eendimensionaal beschreven. Ik wilde hem in zijn nood laten zien, ik hou van veelzijdige rollen. Hij is ook het slachtoffer van zijn opvoeding en zijn tijd. Maar de regisseur zag de film helaas anders voor zich. En soms kun je daar dan niks tegen doen.’

De eerste huwelijksnacht lijkt meer op een verkrachting.
‘Ja, daar hebben we veel bonje over gehad. Ik wilde dat niet zo doen. Ik zie die Von Instetten zo dat hij bang is voor vrouwen. Hij kan niet bij zijn gevoel want hij moet carrière maken. Effi en hij hebben elkaar niet eens naakt gezien voor die huwelijksnacht, ze zijn zo onbeholpen. Hij weet ook niet wat hij doet, wat hij moet doen. Met die onbeholpenheid heb ik het ook gespeeld.’

Maar het…
‘… komt over als een verkrachting, ja. Het is me nog niet vaak gebeurd dat het eindresultaat anders is dan ik wilde. Soms is het zo. En het is toch een goede film geworden, dus het is oké.’

Heb je meer plezier in rollen die je eng vindt?
‘Ik ben bang van wel. Dan is het meer een uitdaging, dan moet ik iets overwinnen. Ik neem alleen rollen aan waar ik een beetje bang van word, waarbij ik denk ‘Kan ik dat wel?’, ‘Hoe zal dat gaan?’. Ik wil moeite moeten doen, dan komt er een enorme kracht vrij. Het gaat vaak om grote projecten, waar ook veel geld mee gemoeid is. Ik weet nog toen ik Albert Speer speelde, de architect van Hitler. Dat was een mini-serie die zes jaar geleden werd opgenomen, Speer and Hitler: The Devil´s Architect heette die. Ik kwam de studio in München binnen en zag wat ze allemaal hadden gebouwd, gigantische decors. Zestien miljoen euro was het budget. Mijn God, dacht ik, als ik dit niet héél goed doe, dan mislukt het. Dat voelt dan wel als druk.’

Is het wel eens niet gelukt?
‘Nee, eigenlijk niet. En toch is die zekerheid er nooit.’

Koch heeft net stop gezegd. Stop tegen de aanbiedingen, stop tegen welk nieuw project dan ook. Want juist omdat bij elk ´ja´ zijn radars beginnen te draaien, moet er nu even helemaal niets zijn. Hij kijkt er opgelucht bij. ‘Ik heb nu even pauze, pauze van een drie heel heftige jaren met hard werken en iedereen die wat van me wil. Nu heb ik me een beetje teruggetrokken om die hectiek te verwerken. Ik ben heel langzaam, eigenlijk.’

Hoezo ben jij langzaam?
‘Ik moet eerst gebeurtenissen verwerken tot ik verder kan. Nadat Das Leben der Anderen de Oscar won voor de beste buitenlandse film, twee jaar geleden, was er een enorme hectiek. Allerlei agentschappen wilden wat van me, in Duitsland, in Amerika. Het ging hard, het was zo intensief, zo mooi. Ik kan dan eigenlijk niet zomaar verder gaan, het moet eerst verwerkt worden. Daar was toen geen tijd voor, ik ben meteen doorgegaan, dus dat verwerken komt nu vertraagd. Ik heb een pas op de plaats nodig, pauze. Wat doet het met me? Waar wil ik heen? Eigenlijk heb ik de laatste tien jaar heel veel gedaan. Nu wil ik me opnieuw oriënteren, een nieuwe fase, wat heel spannend is. Dat je niet weet waar het heengaat.’
‘Ik weet wel dat ik nog preciezer wil gaan worden, nauwkeuriger in wat ik toezeg. Strenger zijn. Nóg beter kijken, nog meer nee zeggen. Ieder ‘Nee’ is een kleine bijdrage voor het volgende ‘Ja’. Oooo, wauw, dat was ’m, die was diep!’

Jij hoeft de rest van het weekend niet meer na te denken.
‘Maar het klopt wel. Het is net als met de radio, dat je verschillende golflengtes hebt, FM en MW. Als je op de ene frequentie zit, kun je de andere niet ontvangen. En jij bent degene die bepaalt op welke frequentie je je beweegt. Ik denk dat het belangrijk is goed na te denken: wat wil ik als volgende doen. Dus daarom: het nee maakt plaats voor het ja. Als ik tegen elke shit ja zou zeggen, kwam ik aan de goede dingen niet toe.’

Is het niet lastig precies te weten wat je wil?
‘Ik geloof dat je het altijd precies weet, héél precies. Maar meestal zijn er allerlei redenen om ´ja´ te zeggen, terwijl je het eigenlijk niet wil. Praktische redenen; goed voor het cv, of geld of wat dan ook. Ik ben op een punt in mijn leven dat ik steeds minder redenen eromheen heb, en dat is prachtig. Het wordt zuiverder. Ik kan inmiddels echt grote dingen afzeggen als ik ze niet wil doen. Dat is een enorme luxe, een droom.’

De pauze wordt voor een deel geleefd in Amsterdam, waar Carice van Houten woont. En als ze elkaar niet hier zien, dan is het wel in Amerika, Canada, Polen, of Engeland of waar ze ook op dat moment een opname hebben.
Ze ontmoetten elkaar voor het eerst op de set van Zwartboek. Carice had wel alvast wat gegoogeld: ‘Ik wist direct: dit wordt oppassen, vooral omdat ik altijd op oudere mannen val. Van zijn kant duurde het even, moest ik wel erg lang hard to get spelen.’ Hard to get?! Een van de, zo niet dé, mooiste en meest getalenteerde jonge actrices van Nederland moest hard to get spelen?!

‘Ik was terughoudend naar Carice, ja. Ik hou er ook niet van als collega’s verliefd worden, dat vind ik altijd nogal irritant. Dan gaan ze weer uit elkaar, het geeft allemaal ellende. Werk en liefde zijn twee verschillende dingen en als het dan toch gebeurt… Van tevoren was ik wat bang. Is de liefde belangrijker dan de film? Bij ons was het zo dat we de verliefdheid voor de film hebben ingezet. Ik geloof dat de liefde tussen het joodse meisje en de nazi sterker naar voren komt in Zwartboek.’

Het lijkt me gek om liefdesscènes te spelen als je net verliefd bent op elkaar. Want wat is echt en wat niet?
‘We hebben het goed gedaan vind ik. Wat we belangrijk vonden hebben we laten zien. Ik vond het mooi, had het nog nooit eerder meegemaakt.’

Een jaar geleden zei Carice: ‘Als je onze profielen naast elkaar legt, geef je geen cent voor onze relatie; die is gedoemd te mislukken. Hij is veertien jaar ouder, Duitser, woont zevenhonderd kilometer verderop, is ook een veelgevraagd acteur, hij heeft een kind van twaalf, hij is heel erg netjes; eigenlijk is het gewoon niet te doen, en toch werkt het.’
(Stralend) ‘We zijn al vierenhalf jaar samen! En ja, we zijn extreem verschillend. Dat is een grote aantrekkingskracht, spanning. En we zijn veel onderweg, dat is niet altijd makkelijk, maar we genieten er ook van. Van het onberekenbare. Hoe het nu gaat, is het fantastisch. Het zou mooi zijn als we ooit samen op een plek zouden wonen, maar dat komt nog wel. Alles heeft zijn moment. Het is ook opwindend nu. Afgelopen kerst waren we in de Cariben. Dan weer New York, we kunnen goed samen op pad zijn.’

Woon je vanwege je dochter nog niet in Amsterdam?
‘Ik wilde wel naar Amsterdam komen, maar toen kreeg Carice kansen in Amerika en ik had geen zin om in m´n eentje in Amsterdam te gaan zitten. Dat zou idioot zijn. Zij is zoveel onderweg. Op het moment is werk nog heel belangrijk, vooral voor haar. Carice is veertien jaar jonger dan ik, de kansen die ze krijgt, moet ze ook grijpen. Je zou het jezelf nooit vergeven als je dat niet zou doen.’

In RTL Boulevard werd door Albert Verlinde gezegd dat jullie de Oscar verdienden voor het mooiste filmpaar van het jaar.
‘Die heb ik nog niet gehoord. Er gebeurde zoveel na Zwartboek, er waren zoveel reacties. Allemaal positief. Ik geloof dat Carice en ik nog wel een mooie grote bijdrage hebben geleverd voor de internationale betrekkingen, voor de Duits-Hollandse vriendschap haha.’

Tijd om te gaan, om te fietsen. Sebastian belt, in het Nederlands: ‘Liefie, kom je me halen?’ En Carice komt, stralend, prachtig. ‘Kutje’, zegt Sebastian. Carice: ‘Kutje? Nee, kusje bedoel je.’ Meteen zeer voorstelbaar hoe die twee al vier jaar lol hebben. En terwijl ze wegrijden, gonst het op het terras: ‘Dat was in Zwartboek toch? Ja, daar zag ik ze al.’ Heel beschaafd, net als in Berlijn.